nicoline@nicolinewissesmit.nl +31 (0)6 2122 7644

Casper Reinders – Diversiteit is kleurenblind

Reacties uitgeschakeld voor Casper Reinders – Diversiteit is kleurenblind Heartbeat, In gesprek, Leiderschap, Organisatiecultuur

Een gesprek met Casper Reinders, horecaondernemer in Amsterdam, over ‘hart werken’. Een gesprek over luisteren naar je buik, jezelf naar boven likken en werken met een generatie die van festival naar festival leeft.  

We hebben afgesproken bij één van mijn lievelingsplekjes in Amsterdam. Libertine maakt deel uit van zijn verzameling horecazaken. Een verzameling bekende namen, waaronder ook Jimmy Woo en Lion Noir. Casper Reinders, die koning concept als één van zijn vele bijnamen heeft, zit al aan een tafeltje als ik binnenkom. Het is nog vroeg. Hij is tot laat op stap geweest. Toch zie je het niet aan hem af. Veel slaap heeft hij niet nodig. Bovendien drinkt hij niet. Nog voor mijn café latte op tafel staat, begint hij zijn verhaal. Deelt hoe hij in het leven staat. Zijn openhartigheid en vertrouwen zorgen voor een onbekend, aanstekelijk gevoel van verbondenheid. Op één van zijn golven sluit ik aan. Leg ik de Piramide van Maslow op tafel om het gesprek in de richting te sturen van dat wat ik hart werken noem.

MAVO – HAVO – VWO – HBO – zelfverwezenlijking

“Die piramide heb ik ooit weleens gezien. Op de HBO. Ik ben op de MAVO begonnen. Vervolgens heb ik het hele rijtje afgewerkt: MAVO, HAVO, VWO, HBO.” Dan vraagt hij of ik kan uitleggen wat Maslow met self actualization bedoelt en stelt: “Daar zit ik nu.” Hij deelt dat de bubbel waarin hij tot enkele jaren geleden leefde niet langer bestendig bleek. Het had zijn weerslag op zijn relatie. Openlijk vertelt hij wat er speelde tussen hem en zijn vrouw die samen met hun zoontje op Ibiza woont. Dan vraagt hij of ik het iets genuanceerder kan opschrijven. Ik maak er het volgende van: “Ik ben een sociaal persoon. Ik ben sterk en dominant. Ik heb veel empathie en ben goed met personeel. In mijn gezin draaide het om mij. Ik was het middelpunt. Ik leefde als een soort van vrijgezel in Amsterdam. Niet qua seks overigens. Ik ben geen type dat bij de pakken gaat neerzitten als het tegenzit. Ik omarm het leven zoals het komt. Door vrienden en familie werd ik wakker geschud. Zij maakten me bewust dat een relatie wederkerig is. Ik zette mijn ego en onzekerheden opzij. Ik schreef een brief aan mijn vrouw. Dat had ik nog nooit gedaan.” De brief zette een hoop in gang.

“Ik schreef een brief aan mijn vrouw. Dat had ik nog nooit gedaan.”

De brief waarover Casper vertelt, raakt me. Ik geloof in de liefdesbrief als communicatiemiddel; de verbondenheid waartoe de liefdesbrief dwingt. Niemand begint een liefdesbrief met “Hallo gore klootzak …” of “Trut van een bitch …” De liefdesbrief dwingt je tot het verplaatsen in de ander. Dat verplaatsen in de ander is een belangrijk ingrediënt om te komen tot verbondenheid en het creëren van meerwaarde; voor het bereiken van 1 + 1 = 3. Daarnaast spreekt het me aan dat Casper iets noemt dat hij niet eerder heeft gedaan. Weg van de geijkte paden, niet bang om het onbekende op te zoeken. Het discomfort dat nodig is voor meesterschap, zoals dat aan de basis ligt van de negative capability theory van John Keats. Het discomfort dat ook in de wijsheden van Brené Brown terugkomt. Wijsheden waarbij Brené Brown de kracht van kwetsbaarheid roemt. De kwetsbaarheid die nodig is om echt contact met jezelf en met je omgeving te maken. Wijsheden die Casper niet uit een boekje haalde, maar zelf ontdekte.

Ayahuasca en zelfhulpboeken

“Doordat ik sterk en dominant ben, denken mensen al snel dat ik graag in het middelpunt sta. Pas toen mijn vrienden en familie mij vertelden dat als iets voor mij logisch is, dat nog niet voor andere automatisch ook zo is, ben ik me bewust geworden van wat een relatie vraagt. Ik ben dingen anders gaan doen. Ik doe niet aan zelfhulpboeken. Niet dat ik tegen ben, maar iedereen doet het op zijn eigen manier. Ik ben op ontdekkingsreis gegaan. Samen met een vriendin heb ik ayahuasca (Zuid-Amerikaanse hallucinogene drank – red.) gedaan. Het heeft bijgedragen aan hoe ik vandaag de dag in het leven sta.” Vanuit zijn reis der zelfontplooiing neem ik Casper mee naar de middelste laag van Maslow; de laag van love & belonging.

Hoe zit jij in de relatie met je personeel?

“Ik vind het een moeilijke generatie. Ze leven van moment tot moment. Wij worden soms wel de patatgeneratie genoemd, maar dat is eerder op de huidige generatie van toepassing. Misschien word ik ook ouder. Kom ik langzaamaan in ‘vroeger was alles beter’ terecht. Begin ik dat ‘vroeger was alles beter’ te begrijpen. De huidige generatie leeft van festival naar festival. Zijn ze naar een festival geweest, dan bellen ze af voor werk. Laten een ander opdraaien. Ze denken makkelijk over dingen. Ik verbaas me ook over de dure kleding zie ze dragen. Ze lopen op schoenen van wel 600-700 euro. Ik mis de kwaliteit. Het is vooral nu, snel en weinig uniek.”

“Misschien komt het doordat ik wel gek ben op geld, maar niet verliefd.”

“Gelijktijdig vallen emigrantenkinderen op. Ze lijken succesvoller te worden. Het sluit aan bij de tegenbeweging die ik zie ontstaan. Er komt een groep aan die gaat voor kwaliteit. Die niet alleen een uur bezig is met het föhnen van hun haar, maar ook de deur voor elkaar openhoudt.” Dan licht hij toe dat dagelijkse zaken, waaronder ook het personeel, onder de verantwoordelijkheden van de directeur vallen. “Ik ben een visionair, creatieveling en innovator. Je moet mij het niet routinematige laten doen. Daar ben ik goed in. Mijn relatie met het personeel is goed. Mensen vertellen mij dingen die ze niet aan mij moeten vertellen. Ze vergeten dat ik de baas ben. Die dingen vertel ik niet door aan de directeur, terwijl ik dat misschien wel moet doen. Misschien komt het doordat ik wel gek ben op geld, maar niet verliefd. Ik ben geen goed manager. Ik heb een keer iemand ontslagen en vervolgens elders weer aangenomen. Dat zie je de directeur niet doen.”

“Ik ben een visionair, creatieveling en innovator. Je moet mij het niet routinematige laten doen. Daar ben ik goed in.”

Waar kijk je naar in het selectieproces?

“Uniciteit staat voorop. Een team bouw je op uit verschillende mensen. Ik had ooit een medewerker die klaagde dat de rest minder hard werkte. Ze verzette bergen in haar eentje. Over een andere medewerker werd geklaagd dat hij niet hard genoeg werkte. De betreffende persoon kon met de menukaart in zijn handen zo ongeveer bij iemand aan tafel op schoot kruipen om te helpen bij het maken van een keuze. Moeders huwelijkten, bij wijze van spreken, hun dochters aan hem uit. Het gaat mij om de diversiteit. Dat maakt een groep bijzonder. Die diversiteit is niet iets waarop ik selecteer. Het verzamelen van een goede mix gaat me automatisch af. Ooit kreeg ik van een jongen uit Afrika het compliment kleurenblind te zijn. Hij doelde daarmee op het feit dat ik geen verschil maak op basis van huidskleur, sekse of religie. Dat ik iedereen gelijk behandelen. Vanuit die gelijkheid ontstaat er ruimte voor wat iemand werkelijk uniek maakt.”

“Ooit kreeg ik het compliment kleurenblind te zijn.”

“Ten tweede dient iemand te kunnen werken in teamverband. Voor elkaar als groep klaarstaan. Elkaar opvangen. Als dat teamverband er niet is, dan is er iets mis. Eén rotte appel kan het voor de hele groep bederven. Het is belangrijk om in zo’n geval op tijd, meteen, te acteren. Een rotte appel heeft een enorme invloed. Dodelijk vermoeiend is het. Het kan een hele groep tegenhouden. Als een schip dat vooruit wil. Dat je ziet dat het voor de wind kan gaan, maar dat er ergens een anker over de bodem sleept.”

“En gastvrij natuurlijk. De horeca is cool. Het is een geweldige omgeving om in te werken. Ik raad iedereen aan om in de horeca te werken. Je wordt er een leuker mens van. Ik zie hoe mensen zich door de jaren heen ontwikkelen als mens, terwijl ze aan hun netwerk bouwen. Horeca is een must.”

Wat kunnen grote organisaties van jou leren?

“Ik ben niet geschikt voor een corporate omgeving. Ik hou niet van structuur en hiërarchie. Ik hou heel erg van mensen. In grote organisaties ben je de hele dag bezig met naar boven toe likken om CEO te worden. Ben je eenmaal CEO dan lik je de aandeelhouders. Als ondernemer los je de hele dag problemen op. Los je die problemen niet op, dan raak je je huis kwijt. De CEO krijgt de bonus mee aan het einde van het jaar. Ik vang de klappen zelf op. Dat doe ik door te vertrouwen op mijn gevoel.”

“In grote organisaties ben je de hele dag bezig met naar boven toe likken om CEO te worden. Ben je eenmaal CEO dan lik je de aandeelhouders.”

Ik laat de woorden van Casper op me inwerken. Dan besef ik dat het verschil zit in de basis van waaruit ondernemers en traditionele ondernemingen keuzes maken. De ondernemer bouwt aan zijn droom; de interne vonk of drive bepaalt in sterke mate de keuze. De traditionele organisatie is meer bezig met wat de uitkomst in tastbare zin oplevert. Denken in worstcasescenarios, zoals Casper het noemt. Het acteren op basis van innerlijke drive, zoals Casper dat doet, sluit aan bij het ‘why’ van Simon Sinek waarbij de droom het vertrekpunt is als drijvende kracht. Een droom waarbij volgens Casper alle spelers van even groot belang zijn. “Iedereen vervult een eigen rol. De afwasser is even belangrijk als de directeur. Als de afwasser zijn werk niet goed doet, de borden vies doorkomen, dan hapert het geheel. We hebben elkaar nodig om succesvol te zijn. In ons eentje stellen we niks voor. We zijn slechts een klein radar in het geheel. Als ik wegval, dan draait het rad door. Zonder dat rad ben ik dus niets.”

“We zijn slechts een klein radar in het geheel. Als ik wegval, dan draait het rad door. Zonder dat rad ben ik dus niets.”

Hoe laat je het rad voor jou werken en zie je toe op groei?

“Ik heb geen computer. Mijn iPad gebruik ik enkel voor het lezen van de krant. Ik heb meer meegemaakt dan de meeste mensen. Dat maakt mij niet bijzonderder. Het past bij mijn rol in het geheel. Wanneer ik in comfortabel vaarwater zit, zoek ik nieuwe problemen op. Mijn vrouw vindt dat niet altijd leuk. Ik speel daarbij met eigen geld. Ik wil leven en laten leven. Het is alweer vijf jaar geleden dat ik de verdieping die ik eerder noemde, heb opgezocht. Vroeger kon ik als ik een vrouw in de Kalverstraat zag met drie tassen en twee kids denken: ‘Wat blij dat ik dat niet ben.’ Ik heb geleerd om minder te oordelen. Ik besef nu dat als zo’n vrouw gevoelens of een oordeel oproept, dat meer zegt over mezelf dan over haar. Ik hou de dingen bij mezelf. Ik kan iedereen een hand geven en in de ogen kijken. Ik heb geleerd om niet te reageren en mijn ego opzij te zetten. Ik heb ontdekt dat alles in je buik zit. Dat je daar een antwoord vindt op al je vragen.”

Verhuizen, samenwonen en ondernemen in Barcelona

Wanneer ik met Casper afspreek om het interview voor te leggen – hij doet nu immers niet aan mail – deelt hij dat hij gaat verhuizen. De plannen zijn gemaakt. Volgend jaar neemt hij afscheid van Amsterdam. Samen met zijn zoon en vrouw verkast hij naar Barcelona. Hij volgt zijn droom. De droom om samen te wonen met de vrouw die hem als mens versterkt, samen te leven met zijn gezin en om in vrijheid te ondernemen. Dat hij niet weet wat hem te wachten staat, past bij hem of zoals hij zelf zegt: “Een ondernemer denkt in dromen. Werkt het niet, dan heb je een groot probleem. Dat is ondernemen. Ondernemen is de problemen oplossen die op je pad komen.”

Dankbaar neem ik afscheid. Dankbaar dat Casper om mijn pad is gekomen. Tijdens mijn gesprek met hem heb ik geen seconde nagedacht over wat hij van mij vindt. Geen moment mij mooier voorgedaan dan dat ik ben. De eerlijkheid waarmee Casper verhalen deelt, weerspiegelt op zijn omgeving. Vanuit de acceptatie dat hij is wie hij is, ontstaat connectie met ruimte voor authenticiteit. Zonder woorden nodigt Casper je uit om te zijn wie je bent. Hoera!

Dit interview maakt deel uit van de reeks ‘Hart werken’. In deze reeks onderzoekt Nicoline Wisse Smit of en hoe organisaties gebruikmaken van de middelste laag van de behoeftepiramide van Maslow; de laag van sociale behoefte zoals verbondenheid, vriendschap en liefde. De interviewreeks sluit aan bij Nicoline’s interesse in liefde op de werkvloer, fascinatie voor liefde in het algemeen en werk als communicatieadviseur. Het is haar missie om organisaties aan te moedigen meer gebruik te maken van dat waar we van nature zo goed in zijn; verbinding vanuit ons hart. Verbinding die bijdraagt aan bevlogen en betrokken medewerkers. Daarmee aan succes.

Foto boven gemaakt door vriend, fotograaf en designer Alljan Moehamad. Foto beneden door mij gemaakt tijdens interview bij Libertine als Casper vraagt of hij snel op een app’je mag reageren.